Publicatie-
datum:

20 januari 2025

Publicatiedatum: 20 januari 2025

Wat was er aan de hand?

In november 2021 valt een werkneemster uit wegens ziekte. De bedrijfsarts adviseerde eerst interne bemiddelingsgesprekken. Als die onvoldoende resultaat hebben, stelt de bedrijfsarts mediation voor om de werkgerelateerde verschillen van inzicht op te lossen. De werkgever doet een voorstel voor mediation aan de werkneemster. Die reageert met een tegenvoorstel: zij wil starten met bemiddeling zonder geheimhouding in plaats van mediation, omdat zij het belangrijk vindt dat hetgeen wordt besproken kan worden ingebracht op het moment dat de re-integratie een juridische wending krijgt.

De werkgever wijst dit verzoek af en stelt nogmaals mediation voor, omdat ‘we in de mediation de gelegenheid moeten hebben open en vrij te praten over ons verdeeld houdt, en ook wat tot nu toe aan een oplossing in de weg heeft gestaan. We moeten kunnen brainstormen over mogelijke oplossingsrichtingen. Het maken van voorbehouden voordat de mediation van start gaat, past daar niet bij. (…) Wij verwachten dat er bij een goede, onafhankelijke mediator voldoende ruimte is om in alle rust veilig met elkaar te spreken.’

Constructie

De werkneemster laat weten geen mediation met geheimhouding te willen aangaan. De werkgever stemt uiteindelijk in met een constructie, waarbij de werkneemster niet volledig aan geheimhouding is gebonden. In de daaropvolgende maanden wordt er veel gecommuniceerd over de invulling van het mediationtraject.

Op 9 november 2023 legt het UWV een loonsanctie op, want, zo vermeldt het arbeidsdeskundig rapport: “Op het moment van beoordelen, ruim 4 maanden verder nadat de bedrijfsarts mediation heeft voorgesteld, heeft er nog steeds geen mediation of bemiddeling plaatsgevonden. Er is veel communicatie geweest tussen werkgever en werknemer over de vorm van bemiddeling en de voorwaarden. Hierdoor kwam mediation maar niet van de grond en heeft dit de re-integratie vertraagd, aangezien mevrouw momenteel niet re-integreert in passend werk. Dit valt werkgever aan te rekenen. Van werkgever wordt verwacht dat hij prikkelende maatregelen oplegt als werknemer niet meewerkt aan de re-integratie. Als prikkelende maatregelen gelden: het aanspreken van de werknemer, schriftelijk vastleggen, officieel berispen, opschorten en/of inhouden van loon en uiteindelijk – in het uiterste geval – overgaan tot (aanzegging) van ontslag.´

Op 6 en 20 december 2023 zegt de werkgever een loonstop aan voor het geval de mediation niet van de grond komt. Het loon wordt gestaakt op 15 januari 2024. Partijen hebben dan inmiddels contact gehad met maar liefst zes externe mediators/bemiddelaars zonder dat een traject is opgestart. Geen van deze externe mediators/bemiddelaars kan akkoord gaan met de door de werkneemster gewenste aanpassing van het geheimhoudingsbeding. De werkneemster vordert in kort geding opheffing van de loonstop en loondoorbetaling.

Wat zegt de wet?

In artikel 7:629 BW is bepaald dat een werknemer tijdens ziekte recht houdt op loon, tenzij de werknemer zonder deugdelijke grond weigert mee te werken aan door de werkgever of een door hem aangewezen deskundige gegeven redelijke voorschriften die erop gericht zijn om de werknemer in staat te stellen passende arbeid te verrichten. Het meewerken aan mediation/bemiddeling is in beginsel een redelijk voorschrift.

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter oordeelt dat uit de geschetste gang van zaken voldoende aannemelijk is geworden dat de werkneemster onvoldoende heeft meegewerkt aan de totstandkoming van mediation c.q. bemiddeling.

De kantonrechter overweegt onder andere:
‘Een bemiddelingstraject moet in beginsel ingezet kunnen worden zonder voorafgaande voorwaarden. [Eiseres] heeft echter vanaf het begin voorwaarden gesteld en belemmeringen opgeworpen. Dat begon met de voorwaarde om geen geheimhouding af te spreken. Geheimhouding is echter een van de belangrijkste pijlers van mediation. Aangezien bij conflicten (zoals in dit geval) vaak een gebrek aan onderling vertrouwen speelt, is het belangrijk dat partijen in een vertrouwelijke omgeving in alle vrijheid met elkaar kunnen praten en het achterste van hun tong kunnen laten zien. [Gedaagde] is toch met een beperkte geheimhouding akkoord gegaan, omdat er anders helemaal geen bemiddeling van de grond zou komen. Gaandeweg werd echter duidelijk dat de wensen van [eiseres], die zich inmiddels niet meer tot de geheimhouding alleen beperkten, niet werkbaar/acceptabel waren voor de aangezochte bemiddelaars, die één voor één afhaakten.

Volgens de kantonrechter heeft de werkgever werkneemster vervolgens terecht gewaarschuwd voor een loonstop als er niet snel een aanvang met het traject zou worden gemaakt. Gezien het al langer slepende conflict, de pogingen die er al waren gedaan om mediation van de grond te krijgen en het UWV-oordeel, hoefde de werkgever geen verdere vertraging van het re-integratietraject te dulden.

De werkneemster heeft geen blijk gegeven van veranderingen in de bereidheid om mee te werken aan mediation en zelfreflectie. Er is naar het oordeel van de kantonrechter geen grond voor opheffing van de loonstop. Hij wijst de loonvordering dan ook af.

Conclusie

1. De kantonrechter hecht duidelijk waarde aan de uitgangspunten van mediation: geen voorwaarden vooraf en geheimhouding. Ook de derde pijler van mediation blijft in stand: de werkneemster wordt niet gedwongen om mee te doen aan mediation. Maar, als een werknemer zonder deugdelijke grond weigert mee te werken aan door de werkgever of een door hem aangewezen deskundige gegeven redelijke voorschriften (zoals mediation) die erop gericht zijn om de werknemer in staat te stellen passende arbeid te verrichten, kan dat niet zonder gevolgen blijven.

2. Heeft de bedrijfsarts mediation geadviseerd bij een zieke werknemer en werkt de werknemer daar niet of onvoldoende aan mee? Voorkom van een loonsanctie en leg als werkgever tijdig “prikkelende maatregelen” aan de werknemer op.

Voor meer informatie en advies kun je terecht bij de juristen en advocaten van Verus. Neem contact op met onze juridische helpdesk.

Deze bijdrage is geschreven door Fenneke Scholten van Aschat.

Uitspraak: ECLI:NL:RBNHO:2024:5684

Samen besturen

Deze pagina is onderdeel van ons domein Samen besturen. Verus wil randvoorwaarden scheppen voor geïnspireerd goed onderwijs. Dat doen we door betrokken te zijn bij elkaar en samen te verbinden als gemeenschap, met begrip voor de positie van leden die in hun eigen leergemeenschap functioneren. Bestuurlijke vraagstukken lossen we samen op, met hulp van collega-bestuurders of een adviseur.

Verus

Gerelateerde berichten