Het wetsvoorstel beoogt een meer planmatige en doelmatige aanpak van investeringen in schoolgebouwen in het primair en voortgezet onderwijs. Onder meer doordat schoolbesturen en gemeenten beter gaan samenwerken en hun plannen beter op elkaar afstemmen. De Raad van State onderschrijft dit doel, maar wijst op een aantal belangrijke aandachtspunten.
Borg dat investeringen van schoolbestuur aanvullend zijn op gemeentelijke taak
In het wetsvoorstel is bepaald dat schoolbesturen hun financiële overschotten straks mogen inzetten voor onderwijshuisvesting, bijvoorbeeld voor verduurzaming. De Raad van State vraagt zich af hoe dit zich verhoudt tot de verantwoordelijkheid van gemeenten. Het risico bestaat dat gemeenten zich (deels) terugtrekken, terwijl huisvesting formeel hun taak blijft. Volgens de Raad van State moet beter worden geborgd dat investeringen van schoolbesturen aanvullend zijn en niet in de plaats van gemeentelijke middelen komen.
Begrip ‘renovatie’ scherper definiëren
Ook over het begrip ‘renovatie’ bestaat nog te veel onduidelijkheid. In de praktijk leidt dit regelmatig tot discussie tussen gemeenten en schoolbesturen, omdat de financiering ervan verschillend is geregeld. De Raad van State adviseert dit begrip scherper af te bakenen en beter aan te laten sluiten bij bestaande regelgeving, zodat minder interpretatieverschillen ontstaan.
Maak ambitieniveau wet concreet en realistisch
Daarnaast wijst de Raad van State op de grote opgave waar het onderwijs voor staat. De gewenste verbetering en verduurzaming van schoolgebouwen vraagt om forse investeringen, die verder reiken dan dit wetsvoorstel alleen. Zij adviseert om duidelijker te maken welk ambitieniveau met deze wet realistisch is. En ook hoe dit ambitieniveau zich verhoudt tot bredere doelen, zoals het halen van klimaatdoelstellingen en het verbeteren van het binnenklimaat.
Hoe verder?
Het wetsvoorstel wordt op korte termijn in de Eerste Kamer behandeld. Of en wanneer de wet daadwerkelijk in werking treedt, hangt af van deze behandeling en eventuele aanpassingen naar aanleiding van het advies van de Raad van State.