Publicatie-
datum:

25 september 2024

Publicatiedatum: 25 september 2024

De Wet DBA

Sinds 2016 geldt de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelatie (DBA). Deze wet heeft tot doel om schijnzelfstandigheid aan te pakken en te voorkomen. Van schijnzelfstandig is sprake als iemand zogenaamd werkt als zelfstandige, terwijl er volgens het arbeidsrecht gewoon sprake is van een dienstverband. Dit heeft tot gevolg dat de werkende eigenlijk arbeidsrechtelijke bescherming dient te genieten op grond van de wet (tijdens bijvoorbeeld ziekte en ontslag) en de werkgever gewoon loonbelasting en verzekeringspremies voor deze persoon dient af te dragen. De Wet DBA wenst dit tegen te gaan en dwingt opdrachtgevers en zzp’ers om vooraf goed na te denken over de wijze waarop zij met elkaar gaan samenwerken en hier duidelijke schriftelijke afspraken over te maken.

Criteria die kenmerkend zijn voor dienstverband

Voor de beoordeling of er sprake is van een dienstverband zijn de volgende drie criteria van belang:

  1. Er is sprake van werkgeversgezag. De werkgever kan de werkende instructies geven op welke wijze het werk moet worden verricht.
  2. De werkende is verplicht tot het leveren van persoonlijk arbeid en mag zich niet zomaar laten vervangen.
  3. De werkende ontvangt een beloning voor de werkzaamheden.

Zijn in de praktijk alle drie de elementen, zoals hierboven beschreven aanwezig, dan zal de overeenkomst van opdracht als arbeidsovereenkomst kunnen worden aangemerkt, met alle arbeidsrechtelijke en fiscale gevolgen van dien. Is dit niet geval dan kan worden gewerkt op basis van een overeenkomst van opdracht.

Echter, bovengenoemde criteria zijn inmiddels niet meer de enige maatstaf die bepalen of sprake is van een (verkapt) dienstverband of niet.

Op 24 maart 2023 heeft de Hoge Raad in het Deliveroo-arrest namelijk ook een aantal belangrijke gezichtspunten geformuleerd voor de vraag of een overeenkomst als een arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt. In dit arrest worden nog meer criteria genoemd die van belang zijn voor deze beoordeling. Hieruit blijkt dat eveneens van belang is op welke wijze de werkzaamheden van de zzp-er zijn ingebed in de organisatie. Werkt een zzp’er zij-aan zij met andere werknemers en is hij/zij onderworpen aan dezelfde regel en aansturing, dan wijst dit op een dienstverband. Daarnaast is van belang in hoeverre de zzp-er zich echt als ondernemer gedraagt (dus doet hij/zij aan acquisitie, werkt diegene voor meerdere opdrachtgevers etc.). Het is dus zaak om deze aspecten ook bij de beoordeling te betrekken.

Handhavingsmoratorium komt te vervallen

Ondanks bovenstaand juridisch kader heeft de Belastingdienst de afgelopen jaren weinig boetes en naheffingen voor schijnzelfstandigheid opgelegd. Dit komt omdat tegelijkertijd met ingang van de wet DBA een zogenaamd ‘handhavingsmoratorium’ is ingevoerd, wat kortgezegd inhoudt dat de Belastingdienst niet sanctioneert, tenzij er sprake van kwade wil bij de opdrachtgever. Hier komt echter verandering in per 1 januari 2025. De regering heeft - nu zij allerlei maatregelen wenst te gaan nemen om schijnzelfstandigheid terug te dringen – namelijk ook besloten het handhavingsmoratorium per 1 januari 2025 op te heffen. Dit betekent dat de Belastingdienst vanaf die datum gaat controleren op de juiste kwalificatie van arbeidsrelaties volgens de Wet DBA, in combinatie met de gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest. Was er dus eerst nog ruimte om arbeidsrelaties te regelen zonder controle van de Belastingdienst, vanaf 2025 is die bescherming er niet meer. Wel heeft de regering onlangs bekend gemaakt dat er nog wel een overgangsperiode van 1 jaar zal worden gehanteerd, waarin werkgevers en werkenden nog geen boete krijgen als zij kunnen bewijzen dat zij stappen zetten tegen schijnzelfstandigheid.

Wetsvoorstel VBAR

Naast het opheffen van het handhavingsmoratorium heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ook gewerkt aan een nieuwe wet, de Wet Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (VBAR). Deze wet kan worden gezien als opvolger van de Wet DBA en moet het eenvoudiger maken om te beoordelen of iemand als zzp'er ingehuurd mag worden voor een opdracht. Momenteel ligt dit wetsvoorstel nog ter advies bij de Raad van State en zal het daarna nog door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld. De verwachting is dat deze nieuwe wet niet eerder dan per 1 januari 2026 in werking zal treden.

ZZP’ers in het onderwijs

Al met al zijn er dus best wat veranderingen op komst rondom de inzet van zzp’ers. Gezien deze actuele ontwikkelingen adviseren wij schoolbesturen om - vooruitlopend op deze wijzigingen per 1 januari 2025 – nu al kritisch de huidige samenwerkingen met zzp’ers onder de loep te gaan nemen. Verder is het verstandig om bij het aangaan van eventuele nieuwe overeenkomsten, hierop voor te sorteren. De afgelopen jaren werden in de onderwijsbranche met enige regelmaat toch wel leerkrachten als zelfstandige ingehuurd. Echter, dit is – nu de Belastingdienst straks gaat handhaven - niet meer verstandig. Dit omdat deze relatie waarschijnlijk vrij snel als arbeidsrelatie kan worden aangemerkt. Leerkrachten zullen zich qua werkwijze en werktijden immers dienen te houden aan de instructies van de overkoepelende schoolorganisatie en zullen niet vrij zijn om hun werkzaamheden naar eigen oordeel en inzicht in te vullen. Wat dat betreft zal er vrijwel altijd van een bepaalde gezagsrelatie gesproken kunnen worden, hetgeen juist zo kenmerkend is voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst. Daarnaast zullen leerkrachten in de meeste gevallen verplicht zijn om hun werkzaamheden persoonlijk te verrichten en zal het vrijwel altijd gaan om werkzaamheden die al ‘ingebed’ zijn in de organisatie. Gaat het om een specifieke incidentele les, waarvoor bijvoorbeeld een gastdocent wordt ingezet, dan kan een en ander mogelijk wel weer anders komen te liggen. Wens je zzp’ers voor hele andere werkzaamheden in te huren, dan is het zeer raadzaam om in dat geval aan de hand van bovenstaande elementen / gezichtspunten nauwkeurig te beoordelen of dit juridisch wel de juiste constructie is. Twijfel je hierover of wens je hierover nader juridisch advies, neem dan contact op met de juridische helpdesk.

Samen besturen

Deze pagina is onderdeel van ons domein Samen besturen. Verus wil randvoorwaarden scheppen voor geïnspireerd goed onderwijs. Dat doen we door betrokken te zijn bij elkaar en samen te verbinden als gemeenschap, met begrip voor de positie van leden die in hun eigen leergemeenschap functioneren. Bestuurlijke vraagstukken lossen we samen op, met hulp van collega-bestuurders of een adviseur.

Verus

Gerelateerde berichten