Eind januari: alle krantenkoppen gingen over jullie. Vier scholen stoppen met de doorstroomtoets. Hoe was dit voor jullie?
Anne: “Eerlijk gezegd: hartverwarmend. Ik had niet gedacht dat het zo’n golf van steun zou geven. Tegelijk voelde het vanuit het ministerie van OCW alsof we iets héél verkeerds hadden gedaan, ik had soms het idee dat ik bijna een misdaad had gepleegd. Terwijl ik dacht: doe eens rustig. Laten we gewoon praten.”
Marten: “Voor mij was het echt een periode van extremen. Aan de ene kant was ik enorm trots op onze scholen: ze durfden dit echt aan. Aan de andere kant waren we behoorlijk geschokt over de heftigheid waarmee het systeem reageerde. We hadden wel een reactie verwacht, maar niet dat we zó onder druk gezet zouden worden. Dat bracht ook verontwaardiging met zich mee, die juist leidde tot nog meer steun. Onze zienswijze is 35.000 keer gelezen. Dat is enorm.”
En jullie hadden ook ‘geluk’. Begin die week dat het nieuws over jullie bekend zou worden kwam de Volkskrant met een artikel…
Annette: Ja. De Volkskrant publiceerde inderdaad een kritisch artikel over de doorstroomtoets. Dat speelde ons in de kaart. Maar we hadden het uiteraard ook goed voorbereid, samen met de ouders, onze leerlingen en leraren. Iedereen wist waarvoor we stonden. De kinderen zagen er ook heil in.”
Marten: “Via Leve het Onderwijs liep dit traject al twee jaar. Intern hadden we al afgestemd wie wat ging doen. Maar je kunt je nog zo goed voorbereiden, het blijft een sprong in het diepe. Dankzij het artikel van de Volkskrant voelden wij ook: de tijd is rijp.”
Jullie ervaren problemen met de doorstroomtoets. Waar zit dat 'm in?
Marten: “De toets vervult drie functies tegelijk: selectie van leerlingen, beoordeling van scholen én het fungeert als beleidsinformatie. Dat kan gewoon niet. Zelfs de politiek begint dat nu te snappen. Tijdens een Kamerdebat over toetsing vorige maand klonk dat ook door. De mantra dat de toets objectiviteit biedt tegen onderadvisering? Die gelooft bijna niemand meer.”
Anne: “Wij voelen ons verantwoordelijk voor goed onderwijs en het welzijn van kinderen. Deze toets doet hen echt geen goed. De druk is te groot: voor leerlingen, ouders, leerkrachten en schooldirecteuren. Het gaat erom dat kinderen zich veilig kunnen ontwikkelen. Een toets mag daar nooit tussen komen.”
Annette: “De doorstroomtoets heeft een te grote impact op de hele onderwijsketen. Als je niet oppast werk je toe naar de toets. En de toets meet niet de brede ontwikkeling van een kind, maar slechts een klein, meetbaar gedeelte op een bepaald moment. Je kunt er voor trainen. Ook is de toets niet opgesteld om de selectiefunctie naar het voortgezet onderwijs te vervullen. En die selectie is te vroeg, want de ontwikkeling van kinderen is helemaal niet zo eenduidig. We moeten terug naar de kern: waar staan we eigenlijk voor?”
Marten: “Gert Biesta zegt het mooi: we vragen ons zelden af of we wat belangrijk is ook kunnen meten. In plaats daarvan meten we wat makkelijk is en maken dat belangrijk. Dat is een doodzonde. Het lijkt alsof iedere euro die in het onderwijs wordt gestopt, ook resultaat moet opleveren. Maar het leven is veel complexer dan dat. Kinderen zijn maar zo’n vijf uur per dag op school. De rest van hun tijd speelt ook mee in hun ontwikkeling. Dat wordt vanuit Den Haag soms vergeten.”
Hoe reageerden de Inspectie en het ministerie op jullie?
Anne: “Ze waren vooraf op de hoogte van onze plannen. Daarom verwachtte ik wel een reactie, maar niet zo heftig. Al binnen een week lag er een spoedrapport met het vermoeden van wanbeheer. Dat verraste me echt.”
Marten: “Wat ons opviel: in eerdere gesprekken met de Inspectie was er juist veel erkenning. Er zat licht tussen die constructieve gesprekken en de officiële reactie. Opeens zaten we in een film waarin je als bestuur geen mening mag hebben over de toets, ook al is die mening goed onderbouwd.”
Wat zouden jullie idealiter nu zien gebeuren?
Annette: “We willen graag in gesprek met OCW en de Inspectie, en pleiten al langer voor een pilotstatus. Tot nu toe is daar nog weinig beweging in.”
Marten: “Voor ons draait het niet om conflict. We hebben het systeem uitvoerig bestudeerd, en weten dat het niet klopt. Toch blijft er een enorme handelingsverlegenheid: iedereen ziet dat het systeem rammelt, maar niemand durft het echt aan te passen. Het alternatief bestaat al, maar er is moed voor nodig om het in de praktijk te brengen.”
Hoe gaan jullie nu verder richting de volgende doorstroomtoets?
Anne: “We bewandelen nu drie sporen. 1: we hebben bezwaar aangetekend tegen de spoedaanwijzing. 2: we zoeken experimenteerruimte via OCW. En 3: we proberen massa te creëren. Want als we dat niet voor elkaar krijgen, verandert er niets.”
Marten: “We willen geen systeem zonder toets. Maar we blijven ons verhaal verkondigen dat we een toets willen die past bij onze pedagogische waarden. Het huidige model is een medicijn met vooral bijwerkingen. Maar zolang als er geen alternatief is, grijpt iedereen er nog steeds naar. Daarom werken wij verder aan dat alternatief. En we merken dat er steeds meer besturen geïnteresseerd raken. We nodigen uit tot gesprek en hopen dat er nog meer scholen meedenken en meedoen.”
Tot slot: welke oproep willen jullie doen aan collega's in het onderwijsveld?
Marten: “Begin met de vraag: Wat gebeurt hier nu eigenlijk met de doorstroomtoets? Als je dat echt begrijpt, weet je dat er iets moet gebeuren.”
Annette: “Leg het uit: aan ouders, collega’s en andere betrokkenen. Pas dan vallen de schellen van de ogen. Dan hoor je ouders zeggen: ‘Maar dit wil ik helemaal niet voor mijn kind.’”
Anne: “Wacht niet op toestemming van bovenaf (Den Haag). Laten we als sector zelf bepalen waar we voor staan. Dan komt er ruimte om te veranderen.”
Samen besturen
Deze pagina is onderdeel van ons domein Samen besturen. Verus wil randvoorwaarden scheppen voor geïnspireerd goed onderwijs. Dat doen we door betrokken te zijn bij elkaar en samen te verbinden als gemeenschap, met begrip voor de positie van leden die in hun eigen leergemeenschap functioneren. Bestuurlijke vraagstukken lossen we samen op, met hulp van collega-bestuurders of een adviseur.