U bent hier

‘Ouders hebben behoefte aan een bredere blik’

Steven van Wijk, adjunct-directeur van de Willibrordusschool

Het team van de Willibrordusschool in Oud-Beijerland wil een ander soort oudergesprekken gaan voeren. Die moeten beter inspelen op de behoeften en verwachtingen van de ouders en, in de hoogste groepen, op die van de kinderen. Maar hoe voer je zo’n gesprek en wat vraag je dan? Tijdens een korte training Communicatie in verbinding gaf Verus-adviseur ouderbetrokkenheid Monica Neomagus nuttige handreikingen.

Twee of drie 10-minutengesprekken per jaar, die vooral gaan over het rapport en de cognitieve ontwikkeling van het kind: zo krijgen zowel ouders als school niet alle relevante informatie boven water, vindt het team van de Willibrordusschool. Een pilot bij de oudste kleuters en in groep 7 moet duidelijk maken of een andere aanpak betere resultaten oplevert. “Na een uitgebreid startgesprek aan het begin van het schooljaar, willen we continu in dialoog blijven met de ouders”, vertelt adjunct-directeur en leerkracht Steven van Wijk. “Dat zal soms met een gepland gesprek in het klaslokaal gebeuren, soms via de telefoon, soms via een spontaan onderonsje op het schoolplein. Traditionele rapportgesprekken doen we niet meer binnen de pilot. Want als je voortdurend met elkaar in gesprek bent, mag het rapport geen verrassingen meer bevatten.”

Ontwikkeling als mens
Hoe steekt het kind in zijn vel? Heeft hij of zij veel vrienden? Wat zijn de verwachtingen van de ouders? Hoe matcht dit met de mogelijkheden van het kind? Waarom reageert de leerling op een bepaalde manier in de klas? Zomaar wat onderwerpen die tijdens zo’n oudergesprek nieuwe stijl aan de orde kunnen komen. “Ouders geven aan dat ze behoefte hebben aan een bredere blik”, zegt Van Wijk. “Zo was er een gezin dat jaar in jaar uit werd gebeld over de onvoldoende spellingscores van hun kinderen bij de citotoetsen. Dat verhaal kenden ze inmiddels wel. Ze waren meer benieuwd hoe hun kinderen zich als mens ontwikkelden.” Overigens blijft natuurlijk ook de cognitieve ontwikkeling van het kind een gespreksonderwerp. 

Marshall Rosenberg
Andere, kwalitatief betere gesprekken met ouders houd je niet van de ene op de andere dag. De Willibrordusschool klopte aan bij Verus voor ondersteuning. Verus-adviseur Monica Neomagus hielp de school vervolgens op weg met de training Communicatie in verbinding. Vier leerkrachten van de Willibrordusschool volgden de training kort voor de zomervakantie. Ze leerden die dag meer dan een set (nieuwe) gesprekstechnieken. De deelnemers stonden eerst stil bij de werking van het brein en de emotiesystemen. Zo leerden zij beter te begrijpen waarom anderen (en zijzelf) doen wat ze doen en reageren zoals ze reageren. Die kennis is nuttig in de contacten met ouders en kinderen. 

Vervolgens werkten de deelnemers met de theorie van Marshall Rosenberg. Deze psycholoog, mediator en vredeswerker ontwikkelde onder meer een vierstappenplan dat bijdraagt aan betere relaties en het voorkomen van conflicten. De deelnemers inventariseerden bovendien wat de school nodig heeft om de goede gesprekken te voeren met ouders en (oudere) kinderen. Neomagus had daartoe een lijst met aandachtspunten opgesteld. Tot slot oefenden de leerkrachten twee gesprekken nieuwe stijl.

Ontspannen en geconcentreerd
“Luisteren naar wat er eigenlijk gezegd wordt, tussen de regels doorlezen, met elkaar in gesprek gaan over lastige onderwerpen, zonder dat het leidt tot conflicten: de training bood boeiende inzichten over deze en andere onderwerpen”, blikt Van Wijk terug. Een mooie, inspirerende locatie op het platteland en het prachtige zomerweer droegen bij aan een geslaagde ervaring. Het zorgde voor een sfeer waarin de deelnemers ontspannen en geconcentreerd met elkaar aan het werk gingen. “Mijn collega’s en ik vonden het een erg leerzame dag. In de intieme setting kon iedereen zichzelf zijn en hoefde niemand een blad voor de mond te nemen. De prettige manier waarop de dag vanuit Verus begeleid werd, hielp ook erg wat dat betreft.” De eerste ervaringen met de nieuwe gesprekken zijn positief. Van Wijk: “Is dit aan het eind van het schooljaar nog steeds zo? Dan zullen de andere leerkrachten ook op deze manier gaan werken en de training gaan volgen. We hebben in dat geval gelukkig al vier enthousiaste ambassadeurs in het team zitten.”